- Auteur
- Datum
- op 31-01-2010 21:15
- Reacties
- 0
Noorderlicht: Dossier El Nino 1 - Geboorte van het kerstkind
Een grote plas warm water die langzaam opschuift van de oostkant van de Stille Oceaan naar het westen: dát is een El Niño. En door een El Niño verandert het klimaat op vele plaatsen op aarde ingrijpend.
Door Myrna Tinbergen
Een El Niño begint met een tot nu toe onverklaarbare afzwakking van de passaatwinden in het westen van de Stille Oceaan. Onder 'normale' omstandigheden, dus in een jaar zonder El Niño, blazen de passaatwinden aan de evenaar van oost naar west: van Zuid-Amerika naar Australië en Azië. Daarbij duwen ze de warme toplaag van de oceaan voor zich uit, waardoor het warme zeewater zich rond Indonesië ophoopt. Het waterpeil is daar doorgaans bijna een halve meter hoger dan aan de westkust van Mexico. Aan de oostelijke kant van de oceaan, met name voor de kust van Ecuador en Peru, welt kouder water op vanuit de diepte om de 'weggedreven' warme toplaag te vervangen. Dit koudere water barst van de voedingsstoffen, waarop een enorme voedselketen drijft.
[Onder 'normale' omstandigheden blazen de passaatwinden aan de evenaar van oost naar west: van Zuid-Amerika naar Australië en Azië. Daarbij duwen ze de warme
toplaag van de oceaan voor zich uit. Voor de kust van Indonesie hoopt het warme zeewater zich op, terwijl aan de andere kant van de oceaan, voor de kust van Ecuador en Peru,
kouder water opwelt vanuit de diepte.]
Door El Niño verandert alles ingrijpend. Op het moment dat de passaatwinden afzwakken of zelfs stilvallen, klotst het warme water door het hoogteverschil terug naar het oosten, wordt vervolgens warmer en warmer, en breidt zich steeds meer uit. Warmer water in het oosten geeft een hogere luchtdruk, dus een minder krachtige passaat, wat het effect nog verder versterkt. Meer water verdampt, de damp condenseert hoger in de atmosfeer en komt in stortregens naar beneden aan de westkust van Amerika. Met als gevolg stormen en overstromingen die in de loop der eeuwen al heel wat dorpen, soms met inwoners en al, hebben weggevaagd. Australië, Indonesië, India en delen van Afrika krijgen juist vaker te kampen met extreme droogte. In die gebieden joegen El Niño's inmiddels miljoenen mensen de hongerdood in. Europa krijgt wel iets mee van een El Niño, maar de invloed is veel kleiner dan elders in de wereld.
[Tijdens een El Niño zijn de passaatwinden afgezwakt, en het warme water stroomt terug naar het oosten.]
El Niño's duren gewoonlijk tussen de twaalf en achttien maanden. Gemiddeld treden ze eens in de drie tot zeven jaar op, maar de geschiedenis kent ook lange perioden zonder. Tussen 1920 en 1930 was er bijvoorbeeld geen enkele El Niño en in de periode '40-'41 waren er ineens twee vlak na elkaar. Hoe dat kan, snappen de El Niño-specialisten bij het KNMI nog steeds niet. Helaas zijn er weinig meetgegevens uit die tijd.
[Tijdens een La Niña zijn de passaatwinden juist krachtiger dan normaal; het water voor de kust van Peru is onder die omstandigheden ook veel kouder.]
Een El Niño wordt vaak gevolgd door een La Niña, Spaans voor 'het meisje'. Dat is precies de omgekeerde toestand, met een sterkere passaatwind en nog kouder zeewater dan normaal voor de kust van Ecuador en Peru. Ook La Niña's kunnen jaren duren. Tijdens een La Niña is het relatief droog in de westelijke Pacific. Overigens zijn El Niño's sterker dan La Niña's, zeker voor de kust van Zuid-Amerika. In Peru is La Niña zelfs nog nooit opgevallen.
> Lees meer in Noorderlicht: Dossier El Nino
> Nog veel meer in Dossier: El Nino
Meer posts van Wetenschap 24
- Gerelateerde items:
- › Dossier: Dossier: Wetenschap
Reacties (0)
Er zijn nog geen reacties geplaatst.